Zoeken
  • Barokensemble Consort of Voices

'Leipzig'

Programmatoelichting bij het concert op 27 juli 2019 in Museum Veere met muziek uit Leipzig van Johann Sebastian Bach.


Das Wohltemperiertes Klavier: intellectuele uitdaging en bron van inspiratie


Das Wohltemperiertes Klavier is één van de grootste monumenten uit de muziekgeschiedenis. De bundel met 24 preludia en fuga’s in alle toonsoorten is een rijk boeket vol afwisseling. In de preludia onderscheiden we verschillende gedaanten zoals de fantasia, toccata, aria, lamento en inventio. De fuga’s, van speelse tweestemmigheid tot complexe vijfstemmigheid, variëren van de stile antico tot werken in de meer galante stijl. Maar het meest bijzondere van het werk is natuurlijk het gebruik van alle 24 toonsoorten: twaalf in mineur en twaalf in majeur.

Bach was niet de eerste die experimenteerde met het gebruik van verschillende toonsoorten. Hij was bekend met muziek van Johann Jakob Froberger (1616-1667), bijvoorbeeld zijn Ricercar in cis en Dietrich Buxtehude (1637-1707), bijvoorbeeld de Preludia in fis en E waarin de grenzen van de toen gebruikelijke middentoonstemming opgerekt werden. Ook de rol van orgelbouwer Andreas Werckmeister (1645-1706) mag niet onderschat worden. Hij introduceerde de term ‘Wohltemperirt’ in zijn Musikalische Paradoxal-Discurse. Andere belangrijke theoretische geschriften waren die van Johann George Neidhardt (1685-1739) (Beste und leichteste Temperatur des Monochordi, 1706) en die van Christoph Albert Sinn (1680-1729) (Musicalische Temperatura, 1717).

Daarnaast moet Bach op de hoogte zijn geweest van publicaties van collega musici. In 1702 publiceerde Johann Caspar Ferdinand Fischer zijn Ariadne musica (opus 4), een collectie voor orgel met 20 preludia en fuga’s in verschillende toonsoorten. Alleen enkele meest extreme toonsoorten komen niet voor. In 1719 publiceerde Johann Mattheson zijn Examplarische-Organisten-Probe met basso continuo-oefenen in alle 24 toonsoorten.

Basismateriaal voor Das Wohltemperiertes Klavier vond Bach in zijn Clavier-Büchlein für Wilhelm Friedemann Bach (1720). In dit lesboekje waren reeds korte preludia opgenomen, die Bach uitbreidde en opnam in het eerste deel van het Das Wohltemperiertes Klavier. Ook hergebruikte hij mogelijk eerdere werken die hij voor de gelegenheid transponeerde naar nieuwe toonsoorten.

Het doel van Das Wohltemperiertes Klavier is tweeledig: ‘(1) zum Nutzen und Gebrauch der Lehr-begierigen Musicalischen Jugend, als (2) auch dere in diesem studio schon habil seyenden besonderem Ziet Vertrieb’. Een soortgelijke duiding vinden we bij twee andere werken uit deze ontstaansperiode: het Orgelbüchlein (1722) en zijn Auffrichtige Anleitung (1723).


Das Wohltemperiertes Klavier is na Bachs dood vrijwel nooit van de concertpodia verdwenen. Mozart, Beethoven, Chopin, Schumann, Mendelssohn, Liszt, Bruckner en Brahms: allen vonden inspiratie in dit werk. Robert Schumann schreef: ‘Das Wohltemperiertes Klavier sei dein täglich Brot. Dann wirst du gewiss eind tüchtiger Musiker…’.

© André Poortvliet, juni/juli 2019


18 keer bekeken